Discipelschap heling en vruchtdragen - Deel 1 Lukas 8 vs. 1-15
Cornelis Bertus Beekhuizen
0:00 / 0:00
Discipelschap heling en vruchtdragen - Deel 1 Lukas 8 vs. 1-15
37 просмотров · 1 год назад
Cornelis Bertus Beekhuizen
172 подписчика
37 просмотров · 1 год назад
Discipelschap, geloof, heling en vruchtdragen Deel 1
Lukas 8 vers 1-15
Vandaag willen we nadenken over de tot geloof gekomen vrouwen die Jezus volgden. We zijn terecht gekomen in een serie lezingen over het Lucasevangelie, Lucas acht vers 1-15 en we geven ook een kleine terugblik naar Lucas zeven, de laatste verzen. Ik zal het voorlezen als inleiding, Lucas acht vers 1 tot 15.
“En het geschiedde daarna dat hij reisde van de ene stad tot de andere predikende, en verkondigde het evangelie van het Koninkrijk Gods. En de twaalven waren met Hem. En sommige vrouwen die van boze geesten en krankheid genezen waren. U hoort het wel. Ik lees uit de oude Statenvertaling en een groot letter Bijbel voor van mijn Ik schoon Moeder, namelijk Maria genaamd Magdalena, van welke zeven duivelen uitgeworpen waren. En Johannes, de huisvrouw van Chusas, de rentmeester van Herodes en Susanna en vele anderen die hem dienden van hun goederen.”
Nadat wij dit gelezen hebben als een vaststelling van een feit, horen wij hoe de Heere Jezus een gelijkenis uitspreekt van het zaad en daarbij ook aan de discipelen de betekenis doorgeeft. Ik zal het lezen vanaf Lukas acht vers vier.
“Als er nu een grote schare was bijeen vergaderd en zij van alle steden tot Hem kwamen, zo zei Hij door een gelijkenis het volgende En zaaier ging uit om zijn zaad te zaaien, en als hij zaaide, viel het ene bij de weg en het andere werd vertreden. Als hij zaaide en de vogelen van de hemels aten dat op en het andere zaad viel op een steenrots, en opgewassen zijnde, is het verdord, omdat het geen vochtigheid had of diepte van aarde. En weer een ander deel viel in het midden van de doornen en de doornen mee opwassende verstikten. Dat zaad het zelve, en het andere deel viel in goede aarde, en opgewassen zijnde, bracht het honderdvoudige vrucht voort. En dit zeggende riep Hij, de Heere Jezus dus, wie oren heeft om te horen, die hore.”
We horen die woorden ook in de brieven aan de zeven gemeenten in het boek Openbaringen, “Wie oren heeft om te horen, die hore.” Dat is dus wel een oproep voor onszelf.
We hebben oren, maar zoals uit het vervolg in de gelijkenis van het zaad zal blijken dat Gods Woord soms het ene oor ingaat en het andere oor uitgaat.
Laten we verder luisteren hoe dit voorkomen kan worden.