Dankdag 04-11-2026 Ds. G van Zanden Handelingen 14 vers 17a (kinderdienst)
Niels Doornewaard Wildlife
0:00 / 0:00
Dankdag 04-11-2026 Ds. G van Zanden Handelingen 14 vers 17a (kinderdienst)
1 641 просмотр · 7 ч назад
Niels Doornewaard Wildlife
1,14 тыс. подписчиков
1 641 просмотр · 7 ч назад
Vanmorgen op deze dankdag voor gewas en arbeid ging Ds. G van Zanden voor in Uddel
En het was een dienst met en voor de kinderen en de prediking ging over Handelingen 14
Prediking: Handelingen 14:17a hoewel Hij Zichzelf toch niet onbetuigd liet door goed te doen
Dankdag in Lystre
I. voor de kreupele man
II. voor de omstanders
III. voor Paulus en Barnabas
Thema: Dankdag in Lystre
In Handelingen 14:17a laat Paulus zien dat God Zichzelf niet onbetuigd heeft gelaten. Ook de mensen in Lystre, die God niet kenden, konden aan de schepping zien dat Hij goed is. God laat Zijn goedheid zien door regen uit de hemel en vruchtbare tijden te geven. Daardoor kunnen mensen genieten van voedsel en andere dagelijkse levensbehoeften. Op Dankdag worden we bepaald bij alles wat we van God ontvangen. Onze gezondheid, ons werk, ons eten en drinken en de opbrengst van het land zijn geen vanzelfsprekendheden, maar gaven uit Gods hand. De belangrijkste les: We mogen niet alleen dankbaar zijn voor Gods dagelijkse zegeningen, maar moeten vooral leren om de Gever van al die goede gaven te erkennen en Hem daarvoor te danken.
Kerntekst:
Handelingen 14:17a – hoewel Hij Zichzelf toch niet onbetuigd liet door goed te doen
Toepassing: Hebben wij alleen oog voor de ontvangen zegeningen, of is ons hart ook werkelijk dankbaar tegenover de Heere, Die alles geeft?
Handelingen 14:5 En toen er een oploop ontstond, zowel van heidenen als van Joden, met hun leiders, om hen smadelijk te behandelen en te stenigen,
6. vluchtten zij, toen dit tot hen doorgedrongen was, naar de steden van Lycaonië, namelijk Lystre en Derbe, en de omgeving ervan.
7. En zij verkondigden daar het Evangelie.
8. En er zat in Lystre een man die geen macht had over zijn voeten: hij was kreupel van de moederschoot af en had nooit kunnen lopen.
9. Deze hoorde Paulus spreken. Die keek hem doordringend aan en toen hij zag dat hij geloof had om gezond te worden,
10. zei hij met luide stem: Sta recht op uw voeten! En hij sprong op en liep rond.
11. En de menigten, die zagen wat Paulus gedaan had, verhieven hun stem en zeiden in het Lycaonisch: De goden zijn aan mensen gelijk geworden en naar ons afgedaald.
12. En zij noemden Barnabas Zeus en Paulus Hermes, omdat hij het woord voerde.
13. En de priester van Zeus, wiens tempel vóór hun stad lag, bracht ossen en kransen bij de poorten en wilde samen met de menigten offeren.
14. Maar toen de apostelen Barnabas en Paulus dat hoorden, scheurden zij hun kleren, stortten zich in de menigte en riepen:
15. Mannen, waarom doet u dit? Ook wij zijn mensen net zoals u, en wij verkondigen u juist dat u zich van deze zinloze dingen moet bekeren tot de levende God, Die de hemel, de aarde, de zee en alles wat erin is, gemaakt heeft.
16. Hij heeft in de tijden die achter ons liggen al de heidenen hun eigen wegen laten gaan,
17. hoewel Hij Zichzelf toch niet onbetuigd liet door goed te doen: Hij gaf ons vanuit de hemel regen en vruchtbare tijden en verzadigde ons hart met voedsel en vreugde.
18. En door dit te zeggen, konden zij de menigten er maar nauwelijks van weerhouden, aan hen te offeren.