Перейти к содержимому

Mauricius van Nassouwen (ca. 1600) - hoe ik doch mocht genezen die daar zijn zo goed Spaans

Nicolaas Beats

0:00 / 0:00

Mauricius van Nassouwen (ca. 1600) - hoe ik doch mocht genezen die daar zijn zo goed Spaans

11 просмотров · 2 дня назад
Nicolaas Beats
3 подписчика
11 просмотров · 2 дня назад
Muziekvideo van een herschreven versie van het Wilhelmus voor prins/stadhouder Maurits uit 1600. Met dit lied, dat in de mond van Maurits wordt gelegd, probeert hij degenen die nog aan de kant van de Spanjaarden staan te waarschuwen. Hij noemt allerlei mensen op die trouw bleven aan de Spaanse koning, maar toch gedood werden. De Spanjaarden zijn dus niet te vertrouwen. Hij noemt ook vele van zijn familieleden die zijn gesneuveld in de strijd met de Spanjaarden. Gulielmus verwijst hierbij naar zijn vader Willem van Oranje. De tekst vormt ook een acrostichon op Maurits naam: Mauricius van Nassow. Verbeterde versie van een ouder lied dat ik eerder had gemaakt. Tekst: Mauricius van Nassouwe, ben ick van Duytsche bloet, Ons Vaderlandt getrouwe, blijf ick in Gods behoet. Mijnes Heer Vaders gangen, volg ic vry metter daet, Den vyant te verstrangen, in zijnen loosen raet. Al mijnen lust ghepresen geweest is vast doorgaens hoe ick doch mocht genesen die daer zijn soo goet spaens. o lieve patriotten hoe blijfdy dus verblint? Dat ghy die met u spotten noch also seer ghesindt. U mach doch wel ghedencken hoe sy tot aller stondt Ghesocht hebben te krencken dit schoon landt inden grondt. All ons trouwe voor-standers zijn by haer gants verdacht Hoe veel kloecke neerlanders zijnder ter doot ghebracht. Roem op mijn tonghe reyne hier van wilt doen ghewach Hoe menich edel greyne weerdich van groot beclach Zijn van dit wreet ghebroetsel dit listich basilisch Als oft het waer haer voedsel verslonden venijnisch. Ick en weet waer beghinnen waer sal ick vanghen aen? Al mijn verstant mijn sinnen my nu gantslick ontgaen. Wel op Marquis van Berghen, Baroen van Montigni ‘k en can niet langer verghen wat ick nu geschien sie. Comend’ in Spangnen om te vertooghen den coninck Hoet hier te land’ allomme ghestelt was en toeginck Beyde moesten sy treuren helaes! den bittren doot ’t en mocht haer niet ghebeuren weder te keeren oyt. Is dit geweest u beghin van te storten u edel bloet? Sal oock sconincs ghesin self hier van niet zijn behoet? O Karel prins van spangnen sconinc Philips eenich soon’ Wat ist doch voor calangne die u niet en verschoon? U ghemoet wel gheneghen tot dit neerlandts prieel Ist dat daerom moest sneven een soo nobel juweel? Denct nu ghy patriotten wat u te wachten staet Nu men oock alsoo totten sone toe zelfs om gaet. Sulcx is daer nae bewesen als menich edel-man Te Brussel onderwesen in pincxter weeck om quam: Van Batenborch ghepresen twee broeders wel befaemt Moesten voor al haer leven verliezen onbetaemt. Van Egmont en van Hoorne o edel graven fier Doodt u oock sconincx toorne die hiet soo goedertier? Waer blijven u victorien, Egmont u daden stout Is dat tot een memori uwer diensten menichfout? Alle ghy andre mannen die cloeck en onvertsaecht Van dese felle tanden vernielt zijt oft verjaecht: Om dat ghy ‘tslandts welvaren soo ghetroulick voor-staet Uwe namen verclaren uwen loff vroech end’ spaet. Nemmermeer en sal sterven uwen roem noch u eer Maer doorgaens suldy erven loff en prijs langs soo meer Ghy vrome dappre helden die cloeck en onvervaert Voor ’t vaderland u selven lijf goet noch bloet en spaert. Nassowisch huys ghepresen u moet ick boven all Loff prijs end’ eere gheven in dit gants aertsche dall. Van keyserlicken stamme doorluchtich gants soo seer Verschijnt nu als een vlamme lofflijck uwes naems eer. Al u gheslachte hoochweerdich sien wy cloeck ende stout Sich op t’offren volveerdich tot ‘tsvaderlandts behout. Graeff Adolff die is bleven in Vrieslandt inden slach: Graeff Lodewijck hooch-verheven op moker-heyde lach. Sijn metghesellen waren Henrick de jonghe graeff Met hem tselfs wedervaren is Christoffel palsgraeff Ghelijcmen oock graeff Philips als een strijtbaer campioen Ghesien heeft byder lip sodanighen offer doen. Sow men niet segghen t’waer soo ghenoch uuyt eenen stam Om versaedt te zijn maer noch een ander moester an Guilielmus van nassouwen sulck edel prince wijs Moest ons oock doen onthouwen het moordadich advijs. O vader hooch gepresen des vaderlands soo goet Gheensins hebdy u leven verschoont tot ons behoet. Laet nu o God almachtich den spaenschen hooghen moet Eens sincken die ghy crachtich de grootste vallen doet. Wilt ons voort-aen behoeden voor haer listen so valsch’ En met ons is al de goede voorstanders duytsch en walsch. Wy dancken u met vreuchden in dit nederlandts pleyn: Want ghy wilt ons in deuchden beschermen alghemeyn. #lied #80jarigeOorlog #maurits #oranje #stadhouderMaurits #prinsMaurits #AI #propagandalied #geschiedenis #nederland #nassau #spanjolen